Gedenkstätte Buchenwald, Weimar.

Buchenwald was tijdens de tweede wereldoorlog een concentratiekamp vlakbij de stad Weimar. Het kamp werd in 1937 in opdracht van Heinrich Himmler gebouwd en is aangelegd door SS'ers en gevangenen. Buchenwald was bedoeld voor politieke tegenstanders van de Nazi's en criminelen. Later werden er ook Sinti, Jehova's getuigen, Roma, homoseksuelen, Joden, verzetsstrijders, en andere mensen gevangen gezet die zich tegen de Nazi's
hadden gekeerd. 

Hoewel er sinds 1940 een crematorium was gebouwd had Buchenwald niet de functie als vernietigingskamp zoals Auschwitz.  De gevangen moesten dwangarbeid te verrichten in o.a. de wapenindustrie. Daarvoor werden een aantal sub-kampen gebouwd bij de Erla-Maschinenwerk GmbH in LeipzigJunkers Flugzeugwerken in Schönebeck en Rautalwerken Wernigerode. Behring-Werke en het Robert Koch Instituut in Berlijn leverden test medicaties aan Buchenwald waarmee  gevangen werden ingeënt voor medische experimenten. Zij werden gedwongen hieraan mee
te werken. 

Net buiten het kamp vlak tegenover het crematorium was een dierentuin aangelegd voor het vermaak voor de kinderen van SS gezinnen van wie hun vaders daar als bewakers werkzaam waren.  Een van die bewakers was een beruchte vrouwelijke opzichter. Het was Ilse Koch. Zij was een boerendochter en de vrouw van de kampcommandant Karl Koch. Vanwege haar sadistisch uitspattingen naar gevangen in Buchenwald kreeg Ilse Koch de bijnaam 'de heks van Buchenwald'. Zij overleefde de oorlog maar werd uiteindelijk door een Duitse rechtbank tot levenslang veroordeelt. In 1967 pleegde zij zelfmoord in de  gevangenis in Aichach.

Vele Nederlanders zaten ook gevangen in dit kamp zoals Joden, verzetsstrijders en communisten. Een bekende Nederlandse verzetsstrijder was Henri Pieck. De graficus, kunstenaar, communist en tweelingbroer van de bekende kunstenaar Anton Pieck was ook een prominent lid van de verzetsorganisatie 'De Vonk' in Den Haag. Henri Pieck was in Buchenwald de Nederlandse contactman voor alle communistische gevangen in het kamp. Tijdens zijn gevangenschap  heeft hij heimelijk indrukwekkende schetsen gemaakt die het lijden van zijn medegevangenen uitbeelden. Na de oorlog heeft hij deze uitgewerkt en deze originele tekeningen zijn ondergebracht bij het Nationaal Oorlogs en Verzetsmuseummuseum Overloon.

Nadat ze sinds 1942 in het geheim wapens wisten te verzamelen waren het de communisten die, vlak voor de bevrijding in 1945 door het Amerikaanse 6e leger, voor een opstand in Buchenwald zorgden. Met 91 karabijnen en een machinegeweer wisten zij de wachttorens te bestormen en de bewakers te overmeesterden. 

Naar schatting waren er in de zeven jaar dat het kamp heeft bestaan 238.979 mensen opgesloten. Daarvan kwamen er 56.545 om het leven, onder wie 11.000 Joden.

© Fotografie Menno Sabel